- Home
- Paintings, Drawings and Prints
- ‘De Turkse schilder’
‘De Turkse schilder’
- By Rijksmuseum Amsterdam
- Published 9 June 2008
- Paintings, Drawings and Prints
- Unrated
Rijksmuseum Amsterdam
The Rijksmuseum Amsterdam, owned by the state, is the largest and most
important art and historical museum of the Netherlands. The museum owns
major works of Rembrandt van Rijn and counts more than 1 million
objects in its collections.
Het Rijksmuseum Amsterdam is het grootste en belangrijkste kunst- en geschiedkundige Rijksmuseum van Nederland en is eigendom van de staat. Het bevat onder meer topstukken van de kunstschilder Rembrandt van Rijn en telt ruim 1 miljoen voorwerpen in zijn collectie.
Rijksmuseum
Jan Luijkenstraat 1
Amsterdam
t. 020-6747000
www.rijksmuseum.nl
Jean-Etienne Liotard (1702-1789)
Bijzondere band met de keizerin van Oostenrijk
Liotard bracht vele bezoeken aan het Weense hof, waarbij hij keer op keer met open armen werd ontvangen door keizerin Maria Theresia. Hij portretteerde haar diverse malen. Een van zijn meest curieuze versies is het Portret van Maria Theresia in email. Liotard schilderde tijdens zijn carrière miniaturen in email en deed veel onderzoek naar de ondergrond en de verschillende samenstellingen van emailverf. Dit portret heeft een ongebruikelijk groot formaat: 62 bij 51 cm. Het laat de technische vaardigheid van Liotard zien. Uit het opschrift tweede poging op de achterzijde van het portret blijkt wel dat dit kunststuk hem enige moeite kostte. Naast de portretten van Maria Theresia vervaardigde Liotard een serie tekeningen van de keizerlijke familie. De keizerin droeg deze portretten op al haar reizen bij zich. Hieruit blijkt de hechte band tussen haar en de kunstenaar.
Kopiëren en inspireren
Tijdens zijn verblijf in Italië rond 1736 maakte Liotard studies van antieke beelden en van meesterwerken van modernere kunstenaars zoals Bernini. Hij gebruikte deze als uitgangspunt voor zijn pastels en gravures. Hoewel hij de originele beelden natuurgetrouw weergaf, verlevendigde hij ze door het toevoegen van kleur en een context, bijvoorbeeld een verzonnen landschap. Hetzelfde deed hij in zijn Landschap met koeien, schapen en herderin. Liotard baseerde zich op een schilderij van Paulus Potter (1625-1654). Hij gaf het origineel gedetailleerd weer, maar voegde de herderin toe. Hij ontleende haar aan een landschap van Karel Dujardin (1622-1678).

De twee schilderijen van Dujardin en Potter bevonden zich in Liotards eigen kunstcollectie. Deze bouwde hij op tussen 1743 en 1757 tijdens zijn reizen langs Europese vorstenhoven. Opvallend is het grote aantal 17de-eeuwse Noord-Nederlandse en Vlaamse meesters. Liotard gebruikte zijn verzameling als studiecollectie en economische investering en hoopte rondreizende kunstliefhebbers te trekken. Ook bezat hij een grote hoeveelheid replica’s van eigen werken die hij als meesterstukken beschouwde. In zijn woning in Parijs had hij een ‘hall of fame’, een galerij met portretten van beroemdheden die hij ontmoette.

De zucht naar roem
Naast het schilderen van zijn opdrachtgevers hield Liotard zich ook bezig met het vervaardigen van zelfportretten. Er zijn ongeveer vijftien zelfportretten van zijn hand bekend: olieverfschilderijen, pastels, miniaturen en gravures. Liotard gebruikte ze om zijn vaardigheden als portretschilder te oefenen en als middel om zijn imago van ‘de Turkse schilder’ te promoten. Het hier afgebeelde Naïef of karikaturaal portret van Liotard toont Liotard met rode fez en lange baard. Het portret geeft zijn uiterlijk weer vóór zijn huwelijk in 1756 met de 27 jaar jongere Marie Fargues. Als huwelijkscadeau schoor hij namelijk zijn lange baard af, waarmee hij gedeeltelijk afstand nam van zijn ‘Turkse’ imago. Zijn fez bleef hij echter altijd dragen en staat ook op latere portretten afgebeeld. Tijdens zijn leven kreeg Liotard kritiek op zijn excentrieke uiterlijk. Terwijl ijn opdrachtgevers hem op handen droegen, vonden kunstcritici en kunsthistorici de schilder eigenwijs en ijdel. Zij keurden Liotards pogingen om met zijn uiterlijk potentiële opdrachtgevers te trekken af.

Een unieke collectie in het Rijksmuseum
Toen Liotard bijna zeventig was, raakte zijn werk uit de mode en kreeg hij steeds minder opdrachten. Hij richtte zich voornamelijk op sterk doorvoelde stillevens in pastel en organiseerde veilingen van zijn kunstcollectie. Van de opbrengsten leidde hij een riant leven. Liotard keerde terug naar zijn geboortestad Genève, waar hij een groot stuk land kocht en een huis liet bouwen. Op hoogbejaarde leeftijd, in 1781, publiceerde Liotard een theoretische verhandeling waarin hij zijn persoonlijke ideeën over schilderkunst uiteenzet en verdedigt. Hij illustreerde het boek met zijn eigen experimentele gravures.
Na zijn dood in 1789 raakte Liotard al snel in de vergetelheid. Zijn werk bleef grotendeels in bezit van familie van zijn opdrachtgevers en was nauwelijks in het openbaar te bezichtigen. Pas aan het eind van de 19de eeuw herleefde de belangstelling voor ‘de Turkse schilder’ en zijn eigenaardige leven. In 1873 en 1885 schonken erfgenamen van Liotard een aantal van zijn werken aan het Rijksmuseum, die de basis vormen van de huidige collectie kunstwerken uit iedere fase in zijn carrière. Het Rijksmuseum bezit na Genève de grootste verzameling werken van deze bijzondere, talentvolle pastelschilder.
Liotard bracht vele bezoeken aan het Weense hof, waarbij hij keer op keer met open armen werd ontvangen door keizerin Maria Theresia. Hij portretteerde haar diverse malen. Een van zijn meest curieuze versies is het Portret van Maria Theresia in email. Liotard schilderde tijdens zijn carrière miniaturen in email en deed veel onderzoek naar de ondergrond en de verschillende samenstellingen van emailverf. Dit portret heeft een ongebruikelijk groot formaat: 62 bij 51 cm. Het laat de technische vaardigheid van Liotard zien. Uit het opschrift tweede poging op de achterzijde van het portret blijkt wel dat dit kunststuk hem enige moeite kostte. Naast de portretten van Maria Theresia vervaardigde Liotard een serie tekeningen van de keizerlijke familie. De keizerin droeg deze portretten op al haar reizen bij zich. Hieruit blijkt de hechte band tussen haar en de kunstenaar.
Kopiëren en inspireren
Tijdens zijn verblijf in Italië rond 1736 maakte Liotard studies van antieke beelden en van meesterwerken van modernere kunstenaars zoals Bernini. Hij gebruikte deze als uitgangspunt voor zijn pastels en gravures. Hoewel hij de originele beelden natuurgetrouw weergaf, verlevendigde hij ze door het toevoegen van kleur en een context, bijvoorbeeld een verzonnen landschap. Hetzelfde deed hij in zijn Landschap met koeien, schapen en herderin. Liotard baseerde zich op een schilderij van Paulus Potter (1625-1654). Hij gaf het origineel gedetailleerd weer, maar voegde de herderin toe. Hij ontleende haar aan een landschap van Karel Dujardin (1622-1678).

Jean-Etienne Liotard
Portret van Maria Theresia van Oostenrijk, 1746-1747
Email op koper, 62 x 51 cm
Portret van Maria Theresia van Oostenrijk, 1746-1747
Email op koper, 62 x 51 cm
De twee schilderijen van Dujardin en Potter bevonden zich in Liotards eigen kunstcollectie. Deze bouwde hij op tussen 1743 en 1757 tijdens zijn reizen langs Europese vorstenhoven. Opvallend is het grote aantal 17de-eeuwse Noord-Nederlandse en Vlaamse meesters. Liotard gebruikte zijn verzameling als studiecollectie en economische investering en hoopte rondreizende kunstliefhebbers te trekken. Ook bezat hij een grote hoeveelheid replica’s van eigen werken die hij als meesterstukken beschouwde. In zijn woning in Parijs had hij een ‘hall of fame’, een galerij met portretten van beroemdheden die hij ontmoette.

Gewijzigde kopie door Liotard naar een schilderij van Paulus Potter
Landschap met koeien, schapen en herderin, 1758-1760
Pastel op perkament, 37 x 46 cm
Rijksmuseum, Amsterdam
Landschap met koeien, schapen en herderin, 1758-1760
Pastel op perkament, 37 x 46 cm
Rijksmuseum, Amsterdam
De zucht naar roem
Naast het schilderen van zijn opdrachtgevers hield Liotard zich ook bezig met het vervaardigen van zelfportretten. Er zijn ongeveer vijftien zelfportretten van zijn hand bekend: olieverfschilderijen, pastels, miniaturen en gravures. Liotard gebruikte ze om zijn vaardigheden als portretschilder te oefenen en als middel om zijn imago van ‘de Turkse schilder’ te promoten. Het hier afgebeelde Naïef of karikaturaal portret van Liotard toont Liotard met rode fez en lange baard. Het portret geeft zijn uiterlijk weer vóór zijn huwelijk in 1756 met de 27 jaar jongere Marie Fargues. Als huwelijkscadeau schoor hij namelijk zijn lange baard af, waarmee hij gedeeltelijk afstand nam van zijn ‘Turkse’ imago. Zijn fez bleef hij echter altijd dragen en staat ook op latere portretten afgebeeld. Tijdens zijn leven kreeg Liotard kritiek op zijn excentrieke uiterlijk. Terwijl ijn opdrachtgevers hem op handen droegen, vonden kunstcritici en kunsthistorici de schilder eigenwijs en ijdel. Zij keurden Liotards pogingen om met zijn uiterlijk potentiële opdrachtgevers te trekken af.

Onbekend schilder
Naïef of karikaturaal portret van Liotard
Olieverf op papier, bevestigd op karton, 24 x 20 cm
Naïef of karikaturaal portret van Liotard
Olieverf op papier, bevestigd op karton, 24 x 20 cm
Een unieke collectie in het Rijksmuseum
Toen Liotard bijna zeventig was, raakte zijn werk uit de mode en kreeg hij steeds minder opdrachten. Hij richtte zich voornamelijk op sterk doorvoelde stillevens in pastel en organiseerde veilingen van zijn kunstcollectie. Van de opbrengsten leidde hij een riant leven. Liotard keerde terug naar zijn geboortestad Genève, waar hij een groot stuk land kocht en een huis liet bouwen. Op hoogbejaarde leeftijd, in 1781, publiceerde Liotard een theoretische verhandeling waarin hij zijn persoonlijke ideeën over schilderkunst uiteenzet en verdedigt. Hij illustreerde het boek met zijn eigen experimentele gravures.
Na zijn dood in 1789 raakte Liotard al snel in de vergetelheid. Zijn werk bleef grotendeels in bezit van familie van zijn opdrachtgevers en was nauwelijks in het openbaar te bezichtigen. Pas aan het eind van de 19de eeuw herleefde de belangstelling voor ‘de Turkse schilder’ en zijn eigenaardige leven. In 1873 en 1885 schonken erfgenamen van Liotard een aantal van zijn werken aan het Rijksmuseum, die de basis vormen van de huidige collectie kunstwerken uit iedere fase in zijn carrière. Het Rijksmuseum bezit na Genève de grootste verzameling werken van deze bijzondere, talentvolle pastelschilder.
Rijksmuseum Kunstkrant januari / februari 2003
© Rijksmuseum Amsterdam
© Rijksmuseum Amsterdam
