- Home
- Paintings, Drawings and Prints
- ‘Eer boven Golt’
‘Eer boven Golt’
- By Rijksmuseum Amsterdam
- Published 11 June 2008
- Paintings, Drawings and Prints
- Unrated
Rijksmuseum Amsterdam
The Rijksmuseum Amsterdam, owned by the state, is the largest and most
important art and historical museum of the Netherlands. The museum owns
major works of Rembrandt van Rijn and counts more than 1 million
objects in its collections.
Het Rijksmuseum Amsterdam is het grootste en belangrijkste kunst- en geschiedkundige Rijksmuseum van Nederland en is eigendom van de staat. Het bevat onder meer topstukken van de kunstschilder Rembrandt van Rijn en telt ruim 1 miljoen voorwerpen in zijn collectie.
Rijksmuseum
Jan Luijkenstraat 1
Amsterdam
t. 020-6747000
www.rijksmuseum.nl
Hendrick Goltzius (1558-1617)
Op tafel ligt een tekening van een verminkte hand. Het is de rechterhand van Hendrick Goltzius (1558-1617), wiens virtuoze prenten en tekeningen bij tijdgenoten in heel Europa bewondering afdwongen, onder meer aan het Praagse hof van keizer Rudolf II. ‘En met deze hand’, benadrukt conservator prentkunst Huigen Leeflang, ‘heeft hij al die fantastische werken gemaakt!’ Goltzius hanteerde met schijnbaar evenveel gemak de pen, de burijn en – op latere leeftijd – het penseel. De tentoonstelling in het Rijksmuseum doet voor het eerst recht aan het veelzijdige oeuvre van deze ‘alleskunner’.

Hendrick Goltzius
Zelfportret (1590-1592), zwart, rood en wit krijt, witte verf en
verschillende kleuren waterverf, 36,5 x 29,2 cm.
Nationalmuseum,Stockholm
Deze weergave van zijn eigen gelaat behoort tot de meest indringende portretten van Goltzius.
Door Marcella van der Weg, journalist : Triomferend spatten de onnatuurlijke spierbundels van ‘De grote Hercules’ van het papier. ‘De knollenman’, zoals het maniëristische bravourestukje van Goltzius ook wel wordt genoemd, lijkt nauwelijks van dezelfde hand als het ingetogen, zeer realistische portret van Dirck Volckertsz. Coornhert, een eerbetoon aan zijn leermeester. Leeflang blijft zich verbazen over de enórme verscheidenheid aan stijlen, technieken en onderwerpen die Goltzius beheerste: ‘En steeds weer zocht hij de extremen op, ging hij tot de grenzen van zijn kunnen. Niet zómaar maniërisme, maar maniërisme tot het uiterste doorgevoerd. Niet zómaar klein, maar postzegelformaat. Niet zómaar groot, maar een gigantische pentekening van twee meter, een uniek stuk dat echt bedoeld was om kunstkenners versteld te doen staan.’ En versteld stonden ze.

Hendrick Goltzius
Goltzius’ rechterhand, 1588
Pentekening in bruin, 23 x 32,2 cm
Teylers Museum, Haarlem
Goltzius had lef. Hij stortte zich met overgave op onderwerpen waar tijdgenoten zich nog maar mondjesmaat mee bezighielden, zoals bijvoorbeeld levensgrote dierstudi es en naar het leven getekende landschappen. En hij grossierde in mythologische scènes met veel – en vaak zinnenprikkelend – naakt. ‘Al dat naakt’, vertelt Leeflang, ‘was hier niet echt gebruikelijk.’ Maar Goltzius werkte voor de internationale markt. Als er in Haarlem iets van de persen rolde, was het binnen drie weken in Venetïe, Rome en Parijs te koop. ‘Dé grote verzamelaars van zijn tijd begeerden zijn werk. Eén van zijn grootste fans was Rudolf II, keizer van het Heilige Roomse Rijk. Deze zetelde in Praag, dat dankzij hem hét culturele centrum van Europa werd. Goltzius zocht dus aansluiting bij de smaak van de internationale bovenlaag. Die was iets pikanter.’
Artistieke ambitie
Goltzius groeide op in het Rijnland als zoon van een glasschilder. Aanvankelijk leek hij in de voetsporen van zijn vader te treden, maar rond zijn zestiende ging hij in Keulen in de leer bij Dirk Volkertsz Coornhert. Hoewel graveur om den brode, ontleende Coornhert zijn faam vooral aan zijn goede banden met Willem van Oranje en aan zijn (theologische) geschriften. Hij predikte verdraagzaamheid en was wars van religieus – en ander – fanatisme. Vanwege deze opvattingen had hij, noodgedwongen, het roerige Holland moeten verlaten.

Hendrick Goltzius
De grote Hercules, 1589, Gravure, 56,1 x 40,2 cm
Rijksmuseum Amsterdam
Deze gravure staat sinds lang bekend als ‘De knollenman’ – ze toont dan ook Goltzius’ ‘knollenstijl’ in zijn meest extreme vorm. De uitbeelding van bedachte, disproportionele spierbundels was voor de kunstenaar niet nieuw, maar is wel de meest bizarre uiting ervan.
Coornhert leerde Goltzius niet alleen het vak van graveur. Hij bracht hem ook in contact met de Nederlandse kunst en kunstenaars én met het Oranje-kamp. Toen hij terugkeerde naar het inmiddels veilige Haarlem, volgde zijn talentvolle leerling hem. De jonge Goltzius arriveerde in een uitgeputte stad: Haarlem had achtereenvolgens een maandenlange belegering, een bezetting door Spaanse troepen, een pestepidemie en een grote brand doorstaan. Desalniettemin stond de stad aan het begin van een periode van grote bloei, waarvan Goltzius volop wist te profiteren. Tegen het monopolie van Antwerpen in, startte Goltzius in 1582 zijn eigen uitgeverij. Een geniale zet, meent Leeflang. ‘De grote uitgeverijen in Antwerpen waren een soort makelaars in kunst, administrateurs. Ze bestelden tekeningen en stuurden die door naar een leger van vaak anonieme graveurs. Vervolgens verspreidden ze de prenten over Europa; een vroege vorm van reproductiekunst.’ Goltzius hield liever alles in eigen hand – net zoals een van zijn illustere voor- beelden, Albrecht Dürer (1471-1528). Hij graveerde louter zijn eigen ontwerpen óf ontwerpen van kunstenaars die hij bewonderde. Zijn bedrijf, met graveurs die hij zelf had opgeleid, was klein maar kwalitatief zeer hoogstaand. ‘Hij wilde alleen het beste van het beste, op élk gebied. Dat verklaart ook het succes van zijn uitgeverij: pure artistieke ambitie.’

Hendrick Goltzius
Zelfportret (1590-1592), zwart, rood en wit krijt, witte verf en
verschillende kleuren waterverf, 36,5 x 29,2 cm.
Nationalmuseum,Stockholm
Deze weergave van zijn eigen gelaat behoort tot de meest indringende portretten van Goltzius.
Door Marcella van der Weg, journalist : Triomferend spatten de onnatuurlijke spierbundels van ‘De grote Hercules’ van het papier. ‘De knollenman’, zoals het maniëristische bravourestukje van Goltzius ook wel wordt genoemd, lijkt nauwelijks van dezelfde hand als het ingetogen, zeer realistische portret van Dirck Volckertsz. Coornhert, een eerbetoon aan zijn leermeester. Leeflang blijft zich verbazen over de enórme verscheidenheid aan stijlen, technieken en onderwerpen die Goltzius beheerste: ‘En steeds weer zocht hij de extremen op, ging hij tot de grenzen van zijn kunnen. Niet zómaar maniërisme, maar maniërisme tot het uiterste doorgevoerd. Niet zómaar klein, maar postzegelformaat. Niet zómaar groot, maar een gigantische pentekening van twee meter, een uniek stuk dat echt bedoeld was om kunstkenners versteld te doen staan.’ En versteld stonden ze.

Hendrick Goltzius
Goltzius’ rechterhand, 1588
Pentekening in bruin, 23 x 32,2 cm
Teylers Museum, Haarlem
Goltzius had lef. Hij stortte zich met overgave op onderwerpen waar tijdgenoten zich nog maar mondjesmaat mee bezighielden, zoals bijvoorbeeld levensgrote dierstudi es en naar het leven getekende landschappen. En hij grossierde in mythologische scènes met veel – en vaak zinnenprikkelend – naakt. ‘Al dat naakt’, vertelt Leeflang, ‘was hier niet echt gebruikelijk.’ Maar Goltzius werkte voor de internationale markt. Als er in Haarlem iets van de persen rolde, was het binnen drie weken in Venetïe, Rome en Parijs te koop. ‘Dé grote verzamelaars van zijn tijd begeerden zijn werk. Eén van zijn grootste fans was Rudolf II, keizer van het Heilige Roomse Rijk. Deze zetelde in Praag, dat dankzij hem hét culturele centrum van Europa werd. Goltzius zocht dus aansluiting bij de smaak van de internationale bovenlaag. Die was iets pikanter.’
Artistieke ambitie
Goltzius groeide op in het Rijnland als zoon van een glasschilder. Aanvankelijk leek hij in de voetsporen van zijn vader te treden, maar rond zijn zestiende ging hij in Keulen in de leer bij Dirk Volkertsz Coornhert. Hoewel graveur om den brode, ontleende Coornhert zijn faam vooral aan zijn goede banden met Willem van Oranje en aan zijn (theologische) geschriften. Hij predikte verdraagzaamheid en was wars van religieus – en ander – fanatisme. Vanwege deze opvattingen had hij, noodgedwongen, het roerige Holland moeten verlaten.

Hendrick Goltzius
De grote Hercules, 1589, Gravure, 56,1 x 40,2 cm
Rijksmuseum Amsterdam
Deze gravure staat sinds lang bekend als ‘De knollenman’ – ze toont dan ook Goltzius’ ‘knollenstijl’ in zijn meest extreme vorm. De uitbeelding van bedachte, disproportionele spierbundels was voor de kunstenaar niet nieuw, maar is wel de meest bizarre uiting ervan.
Coornhert leerde Goltzius niet alleen het vak van graveur. Hij bracht hem ook in contact met de Nederlandse kunst en kunstenaars én met het Oranje-kamp. Toen hij terugkeerde naar het inmiddels veilige Haarlem, volgde zijn talentvolle leerling hem. De jonge Goltzius arriveerde in een uitgeputte stad: Haarlem had achtereenvolgens een maandenlange belegering, een bezetting door Spaanse troepen, een pestepidemie en een grote brand doorstaan. Desalniettemin stond de stad aan het begin van een periode van grote bloei, waarvan Goltzius volop wist te profiteren. Tegen het monopolie van Antwerpen in, startte Goltzius in 1582 zijn eigen uitgeverij. Een geniale zet, meent Leeflang. ‘De grote uitgeverijen in Antwerpen waren een soort makelaars in kunst, administrateurs. Ze bestelden tekeningen en stuurden die door naar een leger van vaak anonieme graveurs. Vervolgens verspreidden ze de prenten over Europa; een vroege vorm van reproductiekunst.’ Goltzius hield liever alles in eigen hand – net zoals een van zijn illustere voor- beelden, Albrecht Dürer (1471-1528). Hij graveerde louter zijn eigen ontwerpen óf ontwerpen van kunstenaars die hij bewonderde. Zijn bedrijf, met graveurs die hij zelf had opgeleid, was klein maar kwalitatief zeer hoogstaand. ‘Hij wilde alleen het beste van het beste, op élk gebied. Dat verklaart ook het succes van zijn uitgeverij: pure artistieke ambitie.’

