- Home
- Modern Art
- Harmonieus tot in de perfectie - De onopvallend begaafde beeldhouwster Gerarda Rueter
Harmonieus tot in de perfectie - De onopvallend begaafde beeldhouwster Gerarda Rueter
- By Versteegh, Jaap
- Published 15 December 2008
- Modern Art
-
Rating:




Versteegh, Jaap
De beeldend kunstenaar en kunsthistoricus Jaap Versteegh is initiatiefnemer en eigenaar van Pygmalion Beeldende Kunst. In combinatie met zijn werk als kunsthandelaar is Jaap Versteegh als docent kunstgeschiedenis verbonden aan de Universiteit Leiden. Tevens is hij regelmatig gevraagd om als gastconservator voor verschillende musea tentoonstellingen in te richten. Hij heeft diverse publikaties op zijn naam staan en schrijft in verschillende kunsttijdschriften.
Pygmalion Beeldende Kunst
Langegracht 44
3601 AJ Maarssen
Tel : +31(0)346-556736
Fax: +31(0)346-556739
www.pygmalion-art.com
View all articles by Versteegh, Jaap
Het is bekend dat professor Jan Bronner (1881-1972) als docent beeldhouwkunst aan de Rijksacademie 1914-1947 te Amsterdam tijdens het interbellum een bijzonder grote invloed heeft gehad op de ontwikkeling van de beeldhouwkunst in Nederland. Het aantal door hem opgeleide beeldhouwers is zo groot, en onder hen zitten zoveel succesvolle kunstenaars, dat temidden van deze hoeveelheid klinkende namen, zoals Mari Andriessen, Piet Esser, Bertus Sondaar, Wessel Couzijn en Niel Steenbergen, sommigen ten onrechte in de vergetelheid zijn geraakt. Dit geldt in bijzondere mate voor de bescheiden Gerarda Rueter (1904-1993), die ik echter tot één van de grootste beeldhouwers van haar generatie reken.
Het artistieke gezin Rueter
Gerarda Rueter werd op 2 juli 1904 te Sloterdijk geboren als tweede dochter van de schilder Georg Rueter (1875-1966) en Gerarda de Lang. In het liefdevolle gezin Rueter kregen de kinderen alle kans zich artistiek te ontwikkelen. Dochter Gerarda, die ter onderscheiding van haar moeder de bijnaam ‘Meik’ kreeg, was dan ook niet de enige die een artistieke loopbaan zou opbouwen. Haar oudere zuster Maria, die later zou trouwen met de schilder Willem Hofker, zou naam maken met haar geaquarelleerde en gekalligrafeerde jaarboeken, waarin zij de groei en ontwikkeling van haar tuin vastlegde, en haar jongere broer Georg, die de bijnaam ‘Pam’ kreeg, ontwikkelde zich tot één van Nederlands meest vooraanstaande grafici. Ook Gerarda gaf reeds op jonge leeftijd, druk doende met het boetseren van allerlei beesten, blijk van haar artistiek talent. Daarom ging zij na haar eindexamen eerst naar de Kunstnijverheidschool in Amsterdam voor een algemene vaktechnische ondergrond om vervolgens naar de Rijksacademie te gaan voor een specifieke beeldhouwopleiding.

Rueter, Gerarda 'Meik' (1904-1993)
Waternimf met jongeman
41 cm hoog
Gips /Provenance: coll. M. Hofker-Rueter
De Rijksacademie onder leiding van Bronner
In 1924 slaagde Gerarda Rueter voor haar toelatingsexamen en tot 1930 zou zij beeldhouwlessen krijgen van Jan Bronner. Van deze befaamde professor was bekend dat hij wars was van exaltatie. Hij was een man van weinig woorden, die de aandacht van zijn studenten liever richtte op een gedegen kennis van de anatomie en op de techniek van het beeldhouwen, dan op allerlei vernieuwende vormexperimenten. Deze opvatting sloot goed aan bij het bescheiden karakter van Gerarda en ondanks het feit dat Bronner meende dat de beeldhouwkunst fysiek te zwaar was voor vrouwen, sprak zij, ook jaren later nog, met waardering over de inspirerende lessen van haar leermeester, die zij in het boek ‘Een beeld van Bronner’, uitgegeven ter gelegenheid van zijn 90e verjaardag, typeerde als ‘onze onvergetelijke leider’.

Rueter, Gerarda 'Meik' (1904-1993)
Musicerende engel
61 cm hoog
Chamotte/ Provenance: coll. M. Hofker-Rueter
Opdrachten en vrij werk
Na haar opleiding aan de Rijksacademie vond zij atelierruimte in een oude schuur aan de Sloterkade te Amsterdam en tot 1961 bleef zij bij haar ouders in Sloten wonen. Daarna verhuisde zij naar het dorp Loenen aan de Vecht, tussen Amsterdam en Utrecht, waar zij, op steenworp afstand van het beeldhouwersechtpaar Bertus Sondaar en Ton Dobbelman, een huisje betrok aan de Dorpsstraat nummer 88.
Hier bleef zij tot op hoge leeftijd werken. Zij ontving meerdere opdrachten, waaronder verschillende gevelstenen met beeldhouwwerk in reliëf, zoals een gedenksteen voor de kunstenaar-biograaf Carel van Mander aan de Oude Kerk te Amsterdam en een reliëf aan het Parlementsgebouw te Stockholm. Haar bekendste vrijstaande beeld is waarschijnlijk haar Watersnoodmonument te Stellendam uit 1956, voorstellende een oude, verkleumde vrouw in een groot kleed gewikkeld. Maar in haar kleinere, vrije werk kwam haar poëtisch talent voor de uitbeelding van mens en dier minstens zo goed tot uiting. In haar verbeelding van de godin Diana is zij uit gegaan van de menselijke figuur, maar met een verfijnd gebaar en een subtiele kanteling van de heupen krijgt deze vrouw onmiskenbaar een goddelijk aanzien. Ook in haar kleine beeldje van een musicerende engel is het de beeldhouwster gelukt de figuur, in volledige overgave aan de muziek, de materie te laten ontstijgen.
Harmonie
Wat mij in haar werk altijd aanspreekt is het volstrekte evenwicht van alle onderdelen. Niet één facet overheerst een ander. Zowel de grote vorm als het kleine gebaar; zowel de textuur van het beeld als het realistisch detail; ieder onderdeel krijgt, als vanzelfsprekend, de ruimte die het nodig heeft. Nu is het totale oeuvre van Gerarda Rueter mij niet bekend, maar ik ken van haar geen beelden die mij tegen staan. Op het gevaar af voor oppervlakkig te worden versleten zou ik al haar werk, dat ik ken, mooi willen noemen. Iedere neiging tot schokkeren lijkt haar vreemd. Toch is haar werk nergens makkelijk of handig, want ook de neiging tot schmieren is haar vreemd. Harmonieus tot in de perfectie lijkt mij de enig juiste omschrijving van haar werk. In dat opzicht was zij in al haar bescheidenheid uniek, maar heeft zij niet de aandacht weten te trekken, die zij zonder meer verdiende.
COPYRIGHT 2009 drs. Jaap Versteegh, alle rechten voorbehouden
Niets uit dit artikel, inclusief begeleidende illustraties, kan of mag gereproduceerd worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurrechtelijke houder.
Het artistieke gezin Rueter
Gerarda Rueter werd op 2 juli 1904 te Sloterdijk geboren als tweede dochter van de schilder Georg Rueter (1875-1966) en Gerarda de Lang. In het liefdevolle gezin Rueter kregen de kinderen alle kans zich artistiek te ontwikkelen. Dochter Gerarda, die ter onderscheiding van haar moeder de bijnaam ‘Meik’ kreeg, was dan ook niet de enige die een artistieke loopbaan zou opbouwen. Haar oudere zuster Maria, die later zou trouwen met de schilder Willem Hofker, zou naam maken met haar geaquarelleerde en gekalligrafeerde jaarboeken, waarin zij de groei en ontwikkeling van haar tuin vastlegde, en haar jongere broer Georg, die de bijnaam ‘Pam’ kreeg, ontwikkelde zich tot één van Nederlands meest vooraanstaande grafici. Ook Gerarda gaf reeds op jonge leeftijd, druk doende met het boetseren van allerlei beesten, blijk van haar artistiek talent. Daarom ging zij na haar eindexamen eerst naar de Kunstnijverheidschool in Amsterdam voor een algemene vaktechnische ondergrond om vervolgens naar de Rijksacademie te gaan voor een specifieke beeldhouwopleiding.

Rueter, Gerarda 'Meik' (1904-1993)
Waternimf met jongeman
41 cm hoog
Gips /Provenance: coll. M. Hofker-Rueter
De Rijksacademie onder leiding van Bronner
In 1924 slaagde Gerarda Rueter voor haar toelatingsexamen en tot 1930 zou zij beeldhouwlessen krijgen van Jan Bronner. Van deze befaamde professor was bekend dat hij wars was van exaltatie. Hij was een man van weinig woorden, die de aandacht van zijn studenten liever richtte op een gedegen kennis van de anatomie en op de techniek van het beeldhouwen, dan op allerlei vernieuwende vormexperimenten. Deze opvatting sloot goed aan bij het bescheiden karakter van Gerarda en ondanks het feit dat Bronner meende dat de beeldhouwkunst fysiek te zwaar was voor vrouwen, sprak zij, ook jaren later nog, met waardering over de inspirerende lessen van haar leermeester, die zij in het boek ‘Een beeld van Bronner’, uitgegeven ter gelegenheid van zijn 90e verjaardag, typeerde als ‘onze onvergetelijke leider’.

Rueter, Gerarda 'Meik' (1904-1993)
Musicerende engel
61 cm hoog
Chamotte/ Provenance: coll. M. Hofker-Rueter
Opdrachten en vrij werk
Na haar opleiding aan de Rijksacademie vond zij atelierruimte in een oude schuur aan de Sloterkade te Amsterdam en tot 1961 bleef zij bij haar ouders in Sloten wonen. Daarna verhuisde zij naar het dorp Loenen aan de Vecht, tussen Amsterdam en Utrecht, waar zij, op steenworp afstand van het beeldhouwersechtpaar Bertus Sondaar en Ton Dobbelman, een huisje betrok aan de Dorpsstraat nummer 88.
Hier bleef zij tot op hoge leeftijd werken. Zij ontving meerdere opdrachten, waaronder verschillende gevelstenen met beeldhouwwerk in reliëf, zoals een gedenksteen voor de kunstenaar-biograaf Carel van Mander aan de Oude Kerk te Amsterdam en een reliëf aan het Parlementsgebouw te Stockholm. Haar bekendste vrijstaande beeld is waarschijnlijk haar Watersnoodmonument te Stellendam uit 1956, voorstellende een oude, verkleumde vrouw in een groot kleed gewikkeld. Maar in haar kleinere, vrije werk kwam haar poëtisch talent voor de uitbeelding van mens en dier minstens zo goed tot uiting. In haar verbeelding van de godin Diana is zij uit gegaan van de menselijke figuur, maar met een verfijnd gebaar en een subtiele kanteling van de heupen krijgt deze vrouw onmiskenbaar een goddelijk aanzien. Ook in haar kleine beeldje van een musicerende engel is het de beeldhouwster gelukt de figuur, in volledige overgave aan de muziek, de materie te laten ontstijgen.
Harmonie
Wat mij in haar werk altijd aanspreekt is het volstrekte evenwicht van alle onderdelen. Niet één facet overheerst een ander. Zowel de grote vorm als het kleine gebaar; zowel de textuur van het beeld als het realistisch detail; ieder onderdeel krijgt, als vanzelfsprekend, de ruimte die het nodig heeft. Nu is het totale oeuvre van Gerarda Rueter mij niet bekend, maar ik ken van haar geen beelden die mij tegen staan. Op het gevaar af voor oppervlakkig te worden versleten zou ik al haar werk, dat ik ken, mooi willen noemen. Iedere neiging tot schokkeren lijkt haar vreemd. Toch is haar werk nergens makkelijk of handig, want ook de neiging tot schmieren is haar vreemd. Harmonieus tot in de perfectie lijkt mij de enig juiste omschrijving van haar werk. In dat opzicht was zij in al haar bescheidenheid uniek, maar heeft zij niet de aandacht weten te trekken, die zij zonder meer verdiende.
COPYRIGHT 2009 drs. Jaap Versteegh, alle rechten voorbehouden
Niets uit dit artikel, inclusief begeleidende illustraties, kan of mag gereproduceerd worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurrechtelijke houder.
Spread The Word
Related Links
1 Response to "Harmonieus tot in de perfectie - De onopvallend begaafde beeldhouwster Gerarda Rueter" 
|
said this on 02 Oct 2009 10:00:09 AM CEST
Fijn
|

Author/Admin)
