Categories
- 20th-century Decorative Art
- Arms and Armour
- Books, Manuscripts and Maps
- Classical Antiquities, Coins and Medals
- Clocks, Barometers and instruments
- Furniture
- Jewellery, Snuff Boxes and Miniatures
- Medieval art
- Modern Art
- Oriental and Asian Art
- Paintings, Drawings and Prints
- Porcelain, Ceramics and Glass
- Photography
- Tribal and Pre-Columbian Art
- Sculptures
- Silver
- Textiles, Carpets and Tapestries
- Works of Art
- News
- Blogs
- Books
Quick Search
Thumbs up for ......
Met medewerking van de beste Nederlandse grafische kunstenaars van die tijd.

De Bijvoegsels van De Kroniek van P.L.Tak
Bij antiquariaten kan men regelmatig prenten aantreffen, waarboven gedrukt staat “Bijvoegsel van De Kroniek”. Zij zijn afkomstig uit het weekblad dat van 1895 tot 1907 onder die naam verscheen, maar, ter onderscheiding van andere tijdschriften met een vergelijkbare naam, meestal aangeduid wordt als ‘De Kroniek van Tak’. Het zijn over het algemeen leuke litho’s, maar het zou natuurlijk veel leuker zijn als de oorspronkelijke tijdschriften er nog omheen zouden zitten, want de schrijvers voor dit weekblad waren niet de eersten de besten. De historicus Johan Huizinga schreef: ‘Zij die nu jong zijn, kunnen zich nauwelijks voorstellen wat voor het geslacht, dat omstreeks 1894 studeerde, De Kroniek van P.L. Tak beteekend heeft.’ Eind negentiende eeuw was dit tijdschrift de spreekbuis van modern Nederland. Jan Veth schreef erin over beeldende kunst, Alphons Diepenbrock over muziek, H.P. Berlage over architectuur, Jan Kalff over toneel, Frank van der Goes over literatuur en Pieter Lodewijk Tak over politiek. Zij golden toen als de meest scherpe critici van hun tijd, en zo worden ze nu nog steeds beschouwd. De hoge kwaliteit betrof echter niet alleen de tekst, maar ook de Bijvoegsels van De Kroniek, die werden vervaardigd door de beste Nederlandse grafische kunstenaars van die tijd.

Oprichting van De Kroniek
Aan de verschijning van ‘De Kroniek. Een Algemeen Weekblad onder Redactie van P. L. Tak’ op 1 januari 1895 ging heel wat rumoer vooraf. De socialistische journalist en politicus Tak (1848-1907) was, net als veel andere Tachtigers, direct betrokken geweest bij het tijdschrift De Nieuwe Gids. Sinds juni 1886 schreef hij regelmatig artikelen voor dit literair-politieke tijdschrift, dat onder hoofdredactie stond van de dichter Willem Kloos. Maar Kloos had nogal te lijden onder drankzucht en daar hadden vervolgens zijn medewerkers aan De Nieuwe Gids weer ernstig onder te lijden. Gedwongen door roddel en ruzie moest de een na de ander de redactie te verlaten en in 1894 hield De Nieuwe Gids op te bestaan. Zo ontstond er ruimte voor, zelfs behoefte aan een nieuw tijdschrift en daar speelde Tak op in. Hij benaderde verschillende mensen die in het verleden ook aan De Nieuwe Gids hadden meegewerkt en richtte De Kroniek op. En met het wekelijkse Bijvoegsel werd een visueel aantrekkelijk element aan het tijdschrift toegevoegd.

Jan Veth
In de prospectus ter aankondiging van het nieuwe tijdschrift beloofde de uitgever C.M. van Gogh: ‘De heer Jan Veth biedt den sterken steun van zijn teekenstift en van zijn pen.’Als kunstcriticus was ook Jan Veth (1864-1925) een oud-medewerker van De Nieuwe Gids. Voor De Kroniek echter schreef hij niet alleen kunstkritieken, maar tekende hij ook Bijvoegsels, voornamelijk portretten van vaderlandse prominenten die op dat moment in het nieuws waren, in navolging van zijn serie portretten voor het weekblad De Amsterdammer. Als eerste verscheen in het openingsnummer van De Kroniek een portret van de neuroloog Prof. Dr. C. Winkler, een scherpe tekening en technisch zeer vaardig, zoals het meeste werk van Veth. Er zouden in de komende jaren nog zestien van dergelijke portretten volgen, waarvan enkele bijzonder bekend werden. Zo is zijn tekening van Jac. Van Looy één van de bekendste portretten van deze destijds populaire schilder-schrijver.
Marius Bauer, alias Rusticus
Marius Bauer tekende in de eerste drie jaargangen van De Kroniek voornamelijk spotprenten onder de doorzichtige schuilnaam Rusticus. Het zijn niet alleen politieke, maar ook artistieke prenten, waardoor ze ook ruim een eeuw later nog te genieten zijn. Het lag ook niet in de aard van de beschouwende Bauer om fel bewogen propaganda-tekeningen te maken. Hij was op zijn best in de licht ironische spotprenten, zoals in ‘Het Banket van de Hollandsche Teekenmaatschappij’, waarin diverse bekende kunstenaars zijn te ontdekken, zoals Willem en Jacob Maris en Jozef Israels, met als onderschrift ‘Potage à la Reine. En Glace à la Crême. Champagne: een plas. En op de tafel de Kas.’
Van een ander niveau was de bijdrage die Bauer leverde met zijn ‘Brieven en Schetsen van de Reis’ ter gelegenheid van zijn bezoek aan Rusland in 1896, waar hij als speciaal correspondent van De Kroniek de kroningsfeesten van de Tsaar mocht bijwonen. Het zestigtal schetsen dat hij in Rusland en Turkije ter illustratie van zijn brieven tekende hebben, gedurende de maanden waarin ze in De Kroniek verschenen, de waarde van het blad in aanzienlijke mate verhoogd. Gevoelig als Bauer was voor de sfeer van het Oosten, was hij laaiend enthousiast over wat zich voor zijn ogen afspeelde en dat gaf hij weer in prachtige schetsen. Maar vanuit socialistische hoek werd hij binnen De Kroniek hard aangevallen, omdat hij geen oog had gehad voor de sociale misstanden in Rusland. In het beroemde ‘debat over kunst en leven’ dat toen volgde bleek vervolgens duidelijk dat de rol van politiek commentator voor Bauer ondergeschikt was aan zijn visie als kunstenaar.

De heroïeke periode
Behalve Jan Veth en Marius Bauer werkten als tekenaar aan De Kroniek ook nog mee Antoon Molkenboer (38 x), Willem van Konijnenburg (25 x), H.J.Haverman (12 x), Theo van Hoytema (4x), Jan Toorop (2 x), Simon Moulijn (1x), J.L. Lauweriks (1x), Nelly Bodenheim (1x) en Antoon Derkinderen (1x), allen behorend tot de beste Nederlandse grafici van die tijd. In de studie van Dr. W. Thys, getiteld ‘De Kroniek van P.L.Tak’ (1956), worden de jaren waarin hun bijdrages als Bijvoegsel deel uitmaakten van dit weekblad aangeduid met ‘de heroïeke periode’. Deze periode duurde van 1895 tot 1899. Sindsdien werd Tak door geldgebrek gedwongen het ‘wekelijks bijvoegsel’ achterwege te laten. Nog eenmaal zou Jan Veth een portret voor De Kroniek tekenen, voor het Herdenkingsnummer van 19 oktober 1907. Het was een portret van hoofdredacteur P.L.Tak zelf. Hij was twee maanden ervoor geheel onverwacht overleden. Het laatste nummer van De Kroniek, een rouwnummer, werd verzorgd door de Amsterdamse socialist Wibaut. Hij schreef in zijn afscheid, dat De Kroniek door zijn abonnee’s altijd werd gezien als ‘De Kroniek van Tak’. ‘Nu De Kroniek dit niet meer kan zijn, is daarmede de uitgave ten einde.’
COPYRIGHT 2002 drs. Jaap Versteegh, alle rechten voorbehouden
Niets uit dit artikel, inclusief begeleidende illustraties, kan of mag gereproduceerd worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurrechtelijke houder.
- 3-11-2002
Was it of interest? Why not share it with others!

