
Ook honderd jaar geleden maakte de wereldwijde handel wereldwijde verkeerswegen noodzakelijk, die vervolgens weer op schoolkaarten moesten worden afgebeeld. Hierboven is al de kaart 'Nederlands verkeerswegen' uit 1896 genoemd, maar uitgeverij Wolters pakte het grootser aan met een schoolwandkaart van 'Het Wereldverkeer' (1905, 4 bladen, 147 x 217 cm, zie fig. 5). Deze door G.A. Leipoldt en J.F. Niermeyer vervaardigde kaart gaf "de voornaamste stoomboot- en spoorlijnen, karavaanwegen, telegraaflijnen en -kabels" weer. Van Niermeyer, de opvolger van P.R. Bos bij Wolters, is bekend dat hij onder invloed van de Franse 'géographie humaine' meer dan zijn voorganger aandacht wilde besteden aan de mens in de geografie [Ormeling en Vaart, 2005, p. 37]. Met dertien verschillende kleuren zijn op deze staatkundige wereldkaart de landen en hun 'koloniale bezittingen' aangegeven. Ook de stoombootlijnen worden met de gebruikte kleuren aan de landen toegekend, en tevens wordt van deze lijnen begin- en eindpunt en de reisduur in dagen vermeld. Vooral in de Atlantische Oceaan en in de Middellandse Zee zijn de vele gekleurde stoombootlijnen echter maar moeilijk van elkaar te onderscheiden (zie fig. 6). Ook de weergave van de talrijke in die wateren aanwezige, voor communicatie bedoelde telegraafkabels draagt niet bij tot het kartografische communicatieproces. Van een afstand is slechts te zien dat het op sommige plekken een drukte van belang moet zijn. Tekenend voor de tijdsgeest is dat een van de voornaamste kritiekpunten van een recensent in het tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap (1906, p. 349) het ontbreken van de zeilvaartlijnen is. De met deze schoolwandkaart gelijkenis vertonende Bosatlaskaart 'Koloniën en Wereldverkeer' van P.R. Bos (vanaf 1904 herzien door Niermeyer) is duidelijker doordat veel minder stoombootlijnen zijn aangegeven en bovendien alle buitenlandse lijnen dezelfde kleur hebben. Het grote formaat van de op een afstand te gebruiken schoolwandkaart heeft de auteurs blijkbaar ten onrechte het idee gegeven dat ze veel meer gegevens konden opnemen dan aanwezig in de schoolatlaskaart. Opmerkelijk is ten slotte dat de kaart al in 1906, één jaar na de uitgave, werd verkocht aan de grote concurrent Noordhoff, waarschijnlijk als gevolg van een grote reorganisatie bij Wolters. Noordhoff heeft nog bijna dertig jaar lang geprobeerd de kaart te slijten aan scholen ("van nut voor den aanstaanden koopman"), maar ook, zo veel middelbare scholen en handelsscholen waren er immers niet, aan nijvere 'koopmannen' in kantoren.

6. Fragment (Atlantische Oceaan) van de schoolwandkaart 'Het Wereldverkeer' uit fig. 5. De vele stoombootlijnen en telegraafkabels zijn moeilijk uit elkaar te houden.
Email to Friend
Fill in the form below to send this article to a friend: