
Niet alleen de uitgevers Ykema, Wolters en Noordhoff zagen handel in de nieuwe economische richting van de geografie, ook de kleine en eigenzinnige uitgeverij Ten Brink vond dat zij bij de tijd moest blijven. Deze uitgever had niet alleen Blink aan zich weten te verbinden, maar ook een andere geografische beroemdheid, R. Schuiling. Die was aanvankelijk zeer 'landschappelijk' georiënteerd, maar had op latere leeftijd "het nieuwe geluid in de aardrijkskunde gehoord" [Baren et al., 1924], en vervaardigde in 1914 samen met J. Schokkenkamp een '[Wand]kaart der Hoofdmiddelen van Bestaan in Nederland' (zie fig. 7). Op deze kaart wordt het bodemgebruik aangegeven met vier vlakkleuren en worden zeven 'hoofdgroepen van nijverheid' aangeduid door gekleurde dikke lijnen. De symbolen voor industriesteden binnen deze gebieden van nijverheid hebben dezelfde kleur als de 'kleurlijn' van dat gebied. Het goed doordachte kleurgebruik en de toepassing van proportionele symbolen (voor 'visschershavens') verraden de invloed van een kartografisch geschoold tekenaar: J. Schokkenkamp, een leerling van Schuiling, en rond 1914 werkzaam als 'geologisch teekenaar te Bakoe'. Dat Schuiling zich "niet met gebonden handen en voeten aan die nieuwe [economische, LB] richting" overgaf, blijkt misschien al uit het relatief kleine formaat van deze kaart (81 x 66 cm). Het blijkt in ieder geval uit zijn toelichting in de fondscatalogus van Ten Brink, waarin hij de 'geologische grondslag' (grondsoorten) van zijn op groot formaat uitgevoerde schoolwandkaart van Nederland nog eens verdedigt, en de 'agronomische grondslag' (bodemgebruik) daarvoor ongeschikt acht: "Men versnippert het landschap zoodoende tot onherkenbaar worden toe." Het gedeelte over bodemgebruik was ongetwijfeld vooral gericht aan Ten Have. Schuiling, ook wel de 'stoere Drent' genoemd, had zich nog lang niet gewonnen gegeven.

7. '[Schoolwand]kaart der hoofdmiddelen van bestaan in Nederland' van R. Schuiling en J. Schokkenkamp ([1914] , schaal 1:400.000, 1 blad, 81 x 66 cm). Gebruik moest worden gemaakt van een afbeelding in een fondscatalogus van de uitgever, H. ten Brink (circa 1920).
Email to Friend
Fill in the form below to send this article to a friend: