Zilversmeden uit Tilburg

 

Met medewerking van B.de Rijke en G.Steijns

Bij mijn dagelijkse bezigheden als zilversmid en taxateur kwam ik regelmatig werkstukken tegen van zilver¬smeden uit Tilburg. Tot de zilversmeden mogen ook de goud- en edelsmeden gerekend worden, omdat een juiste indeling niet mogelijk is. Wat mij bij deze bezigheden opviel is dat over deze vakmensen vaak weinig tot niets bekend is. Voor mij reden om over dit onderwerp wat onderzoek te verrichten. Als periode is gekozen de tijd tussen 1750 en 1950, omdat het bekend is dat in 1750 een zilversmid in Tilburg werkzaam is geweest en de tijd na 195o te recent is. Uit het tamelijk omvangrijke resultaat van dit onderzoek wil ik voor deze gelegenheid een paar interessante voorbeelden lichten.

DE TIJD VAN DE AMBACHTSGILDEN
In het dorp Tilburg is nooit een gilde van goud en zilversmeden geweest. Ambachtsgilden waren alleen aanwezig in plaatsen met stadsrechten. Daar waren ook voldoende kapitaalkrachtige inwoners en dus opdrachtgevers, zodat er voor de zilversmeden bestaansmogelijkheden werden geboden. De Tilburgers bestelden hun zilverwerk voornamelijk in 's- Hertogenbosch en Antwerpen, getuige de vele afslagen van meestertekens van zilversmeden uit genoemde steden die op "Tilburgs" zilverwerk voorkomen.

Bij ordonnantie van 7 september 1445 werden het stadsteken en het meesterteken in de stad `s- Hertogenbosch verplicht gesteld. Om in deze stad het vak van zilversmid te Ieren ging een leerjongen voor vier jaar in de leer bij een meester zilversmid. Aan het einde van zijn leerjaren moest de leerjongen een proef van bekwaamheid afleggen. Bij goed gevolg wachtte hem dan nog een periode van twee jaar, waarin hij als gezel werkzaam was. Hierna was het mogelijk de meesterproef afteleggen, om zich daarna als zelfstandig goud¬en zilversmid te vestigen. De nieuwe meester was verplicht zijn persoonlijk teken en zijn naam aan te brengen in een koperen plaat, de zogenaamde insculpatieplaat. Vanaf de oprichting van het  zilversmedengilde werd naast het meesterteken ook een zogenaamd stadsteken afgeslagen. Het meesterteken werd door de zilversmid zelf op elk nieuw voorwerp aangebracht en gaf in feite aan wie verantwoordelijk was voor het juiste zilvergehalte. Het stadsteken werd bij een correct gehalte door de deken van het gilde, die als keurmeester fungeerde, afgeslagen. Onder een correct gehalte werd verstaan zilver van ii penningen en 5 grein, wat overeenkomt met 934 duizendste zilver. Vanaf l5o3 werd nog een derde teken toegevoegd, dat bekend staat als de jaarletter. De ambachtsgilden werden door het bestuur van de Bataafse Republiek in 1798 officieel opgeheven. In de praktijk veranderde er echter voorlopig niet veel. Het duurde nog tot 1 juli 1807, onder het bewind van Lodewijk Napoleon, voordat het gildentijdperk definitief werd afgesloten.

Gilde Keten ca. 1550

Keten ca 1550
Gilde Sint Sebastiaan van Willem III Tilburg



ADAM VAN MIERLO, EEN ACHTTIENDE EEUWSE `BOSSCHE' ZILVERSMID IN TILBURG

Soms kwam het voor dat een zilversmid, die in 's-Hertogenbosch zijn opleiding had genoten en hier was ingeschreven als lid van het gilde, toch naar een dorp of naar een andere kleinere stad zonder gilde verhuisde. Zijn werkstukken bleef hij dan echter in 's- Hertogenbosch voor keuring aanbieden, maar hij staat voortaan eigenlijk wel ten onrechte te boek als een Bossche zilversmid. Adam van Mierlo is hiervan een voorbeeld. Hij was de zoon van Henricus van Mierlo en Elisabeth van Heeswijk, en werd op 15 december 1725 in de St. Jan te 's- Hertogenbosch gedoopt. Op 17 maart 1737, toen hij twaalfjaar oud was, ging hij in de leer bij de Bossche zilversmid Mathias van Heeck. Als leergeld betaalde hij een bedrag van zes gulden, wat in die tijd normaal was. Hij werd meester op 23 juli 1745, en was tot omstreeks 1750 werkzaam in 's- Hertogenbosch.

In hetzelfde jaar dat hij meester werd, trad hij op 8 augustus in het huwelijk met de dan volgens het trouwboek 15-jarige (!?) Isabella van Heeswijk. Misschien was hier sprake van een door omstandigheden min of meer gedwongen huwelijk, want al op 2 april 1746 werd van dit paar een dochtertje, Ludovica, gedoopt. Adam huwde voor de tweede maal op 28 juni 1751 te 's-Hertogenbosch met Hendrina van Susteren. Omdat Adam toen blijkbaar in Tilburg woonde, is het aannemelijk dat hij daar al omstreeks 175o zijn werkzaamheden als zilversmid is begonnen. In dat jaar vervaardigde hij immers ook een koningsschild voor Jacobus Lommers "Coninck van den voetboge ". Dat is het Tilburgse Sint jorisgilde. Het echtpaar woonde aan de zogenaamde Steenweg. Tegenwoordig is dat de Heuvelstraat en het huis stond ongeveer ter hoogte van waar nu de zaak van Blokker is gevestigd. Twee van zijn zonen, de op 16 december 1753 gedoopte Laurens en de op 8 februari 1758 eveneens daar gedoopte Hendrik, volgden in de voetsporen van hun vader en kozen voor het beroep van zilversmid. Na het overlijden van Adam van Mierlo, hij werd in Tilburg begraven op 11 juni 1782, zetten zijn zonen de werkplaats voort tot in 1830.

De van Mierlo's vervaardigden hoofdzakelijk een aanzienlijke hoeveelheid koningsschilden voor de Brabantse schuttersgilden. De koningsschilden werden uitgevoerd in de vormgeving van die tijd. Een klassieke contour als schildvorm, versierd met gegraveerde ornamenten en een buitenrand van bladmotieven. Daarbinnen wat primitief uitgevoerde afbeeldingen met betrekking op het gilde of het beroep van de opdrachtgever alsmede gegraveerde teksten. Zeer kenmerkende voorbeelden van de stijl van vooral Adam van Mierlo zijn het schild van Adriaan van der Vliet uit 1751 en de beide schilden van Hendrik Schaapsmeerders uit 1761 en 1767, alle drie in het bezit van het Tilburgse Sint-Sebastiaansgilde.

NA DE GILDETIJD
Voor de zilversmeden veranderde er na de opheffing van de gilden veel. Enkele belangrijke verschillen zijn:

  • De meesterproef kwam te vervallen
  • De zilverkeuring vond voortaan plaats in gecentraliseerde waarborgkantoren
  • De goud en zilversmeden konden zich voortaan overal vestigen

Hierdoor verhuisden veel zonen van zilversmeden naar plaatsen, waar voorheen geen smedengilde was gevestigd, om daar een bestaan als zilversmid op te bouwen.

In de eerste decennia van de negentiende eeuw waren zo in het toen steeds
welvarender en sterk groeiende Tilburg als zilversmid werkzaam, naast de al genoemde broeders van Mierlo:

  • De in Tilburg geboren Jan Baptist Backx. Zijn meesterteken komt naast dat van R.A. Verlegh uit Breda voor op het indrukwekkende koningsschild van Alexander de Beer (1822) van het Tilburgse handboogschuttersgilde Sint Sebastiaan. Backx schoonvader Peter Beckers was daar lid van en waarschijnlijk hijzelf ook even.
  • De uit 's- Hertogenbosch afkomstige Johannes van Gernert. Van hem waren volgens archiefgegevens de zilveren kroontjes van de beelden van Maria en het Jezuskind in de Hasseltse kapel in Tilburg, maar dat klopt niet met het in het kleinste kroontje te ontcijferen meesterteken. Dat is van de Bosschenaar Bernard Rijken. Vermoedelijk fungeerde hij slechts als tussenpersoon bij de aankoop.
  • Josephus en Ludovicus van Gernert, twee zonen van Johannes van Gernert en Francisca van Tulder. Josephus werkte er slechts voor korte tijd, hij was 21 jaar oud toen hij op 5 november 1837 overleed.
  • De in het Duitse plaatsje Straelen geboren Johannes Gerardus Panhuijsen. Panhuijsen heeft verschillende koningsschilden gemaakt voor onder andere het Sint Sebastiaansgilde en vooral het Sint Dionysiusgilde uit Tilburg, waarvan hij van 1830 tot 1834 hoofdman was.


Vanaf halverwege de negentiende eeuw zijn er uiteraard nog veel zilversmeden actief geweest in Tilburg, maar daar gaan we in dit bestek niet verder op in. Wel willen we nog aan één figuur wat meer aandacht besteden, omdat hij in nauwe relatie met Adam van Mierlo staat en ook omdat hij omstreeks 185o voor de gilden interessant werk heeft geleverd.


  • 8-10-2010

Comments (0)

Post a Comment
* Your Name:
* Your Email:
(not publicly displayed)
Reply Notification:
Approval Notification:
Website:
* Security Image:
Security Image Generate new
Copy the numbers and letters from the security image:
* Message:

Was it of interest?  Why not share it with others!



List of Authors