Categories
- 20th-century Decorative Art
- Arms and Armour
- Books, Manuscripts and Maps
- Classical Antiquities, Coins and Medals
- Clocks, Barometers and instruments
- Furniture
- Jewellery, Snuff Boxes and Miniatures
- Medieval art
- Modern Art
- Oriental and Asian Art
- Paintings, Drawings and Prints
- Porcelain, Ceramics and Glass
- Photography
- Tribal and Pre-Columbian Art
- Sculptures
- Silver
- Textiles, Carpets and Tapestries
- Works of Art
- News
- Blogs
- Books
Quick Search
Thumbs up for ......
Karel Appel vond de sporen bij Van Gogh
Als je net zoals ik in het Brabantse land geboren bent, weet je de weg. Je kent de streek, je hebt van je vader geleerd om de kerktorens in de buurt te herkennen en zo je route te bepalen en je kent je eigen omgeving als je broekzak. Er is dus niets dat mij tegenhoudt om op een waterige zomerochtend de fiets te pakken en richting Zundert te rijden. Vincent van Gogh zal in zijn jeugd ook gewandeld hebben met als richtpunt die torens. De bekende weg voor mij, maar nu fiets ik hem toch anders om nog meer indrukken van bos en hei op te doen, indrukken die ook hij heeft ervaren toen hij nog jong was. Hij schreef in zijn brieven met regelmaat over de heide en de bossen en over zijn wandelingen.
“Daar in de hei was het zo mooi, al was het donker kon men toch onderscheiden hoe die heivlakte en mastbossen en moerassen zich heinde en ver uitstrekken” (brief 91)
In Zundert werd Vincent in 1853 geboren, een feit waar het dorp nog steeds erg trots op is. Ik ken het dorp en ik heb het Vincent van Goghhuis er al enkele malen bezocht. Zundert is met recht trots op zijn beroemdste zoon en probeert met hem flink aan de weg te timmeren. Wel is het oorspronkelijke geboortehuis in 1903 gesloopt omdat het plaats moest maken voor een nieuwe pastorie. Na een grondige renovatie en een samenvoeging met een grote woning ernaast ontstond dit Vincent van Goghhuis. Heel veel tastbare herinneringen aan Vincent heeft Zundert niet echt, maar op een positieve manier gaat men daar mee om en steeds weer zoekend naar mogelijkheden om die promotie te realiseren die van Gogh verdiend zou hebben. De Zundertenaar is van nature creatief en men maakte een museum waarin je met een audiovisuele individuele presentatie meegenomen wordt naar Van Gogh en naar het Zundert vanaf 1850. In een huiskamer heb je zo levendige ontmoetingen met familieleden van hem en je krijgt een goede indruk van het dorpse leven in zijn tijd. Het idee is leuk en goed uitgewerkt op deze manier. Werken van Vincent ontbreken in zijn “huiskamer” , maar in een andere ruimte is een boeiende videopresentatie van kunstenaars die door hem werden geïnspireerd. Vincent wilde een plek voor de kunst van de toekomst, misschien is dit hier een goede aanzet. Met de plannen die er in Zundert bestaan om een grote, deels ondergrondse expositieruimte van vierhonderd vierkante meter te maken , kan dit nog meer realiteit worden.
Positief is verder ook dat het Vincent van Goghhuis deel uitmaakt van het samenwerkingsverband Van Gogh Brabant, waardoor alle steden en dorpen waar Vincent een relatie mee heeft, ook gezamenlijk werken aan alles wat Van Gogh nu nog kan betekenen. Hier liggen zijn wortels, hier begon de kunstenaarscarrière en hier vindt je nog zijn sporen.

Terug naar mijn fiets. Ik wil vandaag kennis maken met de relatie tussen Karel Appel en Vincent van Gogh. Ik kan me daar in eerste instantie niet direct erg veel bij voorstellen, maar hoop vandaag weer wijzer te worden. Nadat ik mijn fiets tegen de muur heb gezet, mijn museumjaarkaart heb laten scannen en een catalogus heb gekocht, wandel ik met mijn hoofdtelefoon met bijbehorend kastje naar binnen. Trappetjes op, lift kan ook, en dan sta ik weer in die ruimte waar ik alles herken van de vorige keer, maar toch weer de tijd neem om kennis te maken met de familie Van Gogh. Met een touchscreen kom je weer in die wereld en , hoewel het bekend is, klinkt het elke keer weer nieuw. Neem ook gerust de tijd ervoor, een bepaalde rust komt over je. Het is net of een familielid je zaken vertelt die je niet mag weten. De ruimte ernaast met de videopresentatie is zakelijk en mooi, voorzien van uitspraken van kunstenaars en van kleurige kunstwerken , en met pakkende beelden en een toelichting kun je jezelf geen betere les kunsthistorie wensen. Als daarna de grote glazen deur met het zelfportret van Vincent openzwaait, ga je pas op weg naar Karel Appel. Je passeert een levensgrote foto van hem in zijn atelier, en dan ben je binnen in een kleine ruimte, die je meteen helemaal op vreet. Ik neem plaats op een krukje in de hoek, het beste punt in de ruimte om je eerste indrukken daar op te doen. Wauw, wat komt dit ontzettend op je af, wat verpletterend is dit ! Een soort kakafonie van overweldigende kleuren, samengeperst in een frisse zaal, maar heftig, zoals je dat tegenwoordig met een modewoord kunt zeggen. Ik laat alles op me inwerken, kijk van links naar rechts, van boven naar beneden, sluit mijn ogen even, maar de beelden komen nog directer op je af. Ik heb even tijd nodig, en eerlijk gezegd, zie ik in eerste instantie nog geen Van Gogh-invloeden. Ik luister naar wat andere bezoekers zeggen. De ene heeft het over dikke lagen verf die gebruikt zijn en een andere zegt zacht tegen zijn vrouw dat hij het nu ineens begrijpt welke invloed Vincent op Appel heeft gehad. Dus voor mij moet er ook nog hoop zijn. Ik sla de catalogus open, een schitterend verzorgd boekwerk dat naast veel achtergrondinformatie ook toelichting geeft op de tentoongestelde werken en langzaam begin ik het te zien. Een aanrader dit boek en lezen is zien, dat begrijp ik nu al. Teveel wordt Appel nog geassocieerd met zijn gedane uitspraken zoals de ten onrechte vaak gebruikte quote: : “Ik rotzooi maar wat aan” , maar de meer genuanceerde beweringen zijn minder bekend. Hij heeft er nooit een geheim van gemaakt een groot bewonderaar van Vincent te zijn geweest . “Toen ik het werk van Van Gogh bestudeerde, raakte ik verliefd op zijn buitengewone eenvoud en concentratie ! Hij wist precies hoe hij alle energie van de natuur binnen dezelfde verftoets, vorm , substantie of kleur moest overbrengen en vervormde op een gewaagde manier de realiteit om de beelden binnen te halen” zei Appel in 1985. In de beginperiode van Appel was zijn vroege liefde voor van Gogh al een gegeven en behalve inspiratie ook verwantschap. Bekijk een schilderij van een interieur in Oirschot uit 1940, bekijk tekeningen van portretten van Brabantse boerinnen uit 1942, bewonder tekeningen van een zonsondergang en van knotwilgen uit de jaren 40, een schilderij van een korenveld in de zomer. Het is heel erg treffend dat je hier meteen een link kunt leggen naar Van Gogh, niet alleen qua onderwerpen, maar ook zeker qua stijl. Hier is nog niet de schilder aan het werk die Cobra groot heeft gemaakt, hier zie je een ambachtsman die met Van Gogh als voorbeeld en in zijn voetsporen, zwervend in de oorlogsjaren in Brabant, dit werk produceert.
Hans den Hartog Jager schrijft in de catalogus: “Er bestaan opvallend veel overeenkomsten tussen de twee. Zowel Van Gogh als Appel was afkomstig uit een eenvoudig, niet speciaal artistiek gezin. Allebei werkten ze (aanvankelijk) tegen de stroom en de tijdgeest in (met ruzies en uitstoting tot gevolg). En allebei vertrokken ze naar Frankrijk om daar artistiek tot volle wasdom te komen.”

Beide schilders zochten de uitdaging, waren bewust spontaan en expressief in hun werk. Zoals Ron Dirven van het Van Goghhuis zo goed zegt: “Appel was weg van Van Gogh. Bij hem zie je dezelfde vrijheidskreten als bij Van Gogh, kijk maar naar Appels korenveld. Hun beider gebruik van rood en groen, blauw en geel: complementaire kleuren naast elkaar om emoties uit te drukken. Alleen gaat Karel Appel veel verder dan Van Gogh ooit zou hebben gekund in zijn tijd. En ook Appel voelde zich onbegrepen in Nederland, kreeg hier heel lang geen echte waardering. Ging net als Van Gogh naar Parijs en de Provence.”
Na zijn jeugdperiode herontdekte hij rond 1970 Van Gogh en hij werd weer productief, hij kreeg het idee hem helemaal te kunnen doorgronden en begon Van Goghtechnieken een eigen draai te geven, hij begon ook in strepen te schilderen, maar dan breder, ruiger. In die stijl zijn de schilderijen die hij maakte van de “Vallende bladeren” heel duidelijk geïnspireerd op Van Gogh. Zelfs het schilderij met de “Oude schoenen” is helemaal Vincent, maar dan expressiever en zeker met het portret dat hij in 1979 van Van Gogh maakte, werd duidelijk dat hij hem als grote navolger op expressief gebied had benaderd. Toch heeft hij deze techniek niet helemaal volgehouden. Hij begreep Van Gogh, doorgrondde hem, hij probeerde hem bewonderend te volgen, maar gaf zich later weer over aan een meer onstuimige manier van schilderen. Appel : “Ik heb achter me Van Gogh. Om daarop door te gaan moet je met veel meer kracht doorstromen laten” (1963)
En in 2002 schreef Appel: “Van Gogh, na Holland en België te hebben verlaten, vertrok naar het Zuiden van Frankrijk, waar hij de zon, het licht, de kleur ontdekte. Hier brak de vernieuwing door en schilderde Van Gogh, gedreven door het geweldige zonlicht, de mens en het landschap: the Enlightenment of the Light. Hij schilderde de cipressenbomen met zo een inlevingsvermogen, dat hij zelf de cipressenboom werd, hij was de cipressenboom. Op dat moment was het schilderij af.”

Ik heb vandaag veel gezien, veel geleerd. Hoewel deze tentoonstelling eigenlijk een grotere ruimte verdient dan waarin hij nu staat opgesteld, is duidelijk dat het museum een goede weg heeft ingeslagen. Toch is Zundert erin geslaagd een evenwicht te vinden in de presentatie en dat moet de nodige moeite hebben gekost. Zelf had ik er de voorkeur aan gegeven als de oudere werken die nu in het tweede zaaltje hangen, waar ook een videopresentie is, als eerste kennismaking hadden kunnen dienen, zodat een meer chronologische volgorde een duidelijker beeld kon geven. Ik vermoed dat praktische ruimteredenen dat hebben tegengehouden. De grote doeken en objecten met de knallende kleuren waren dan een grote apotheose geweest, de welbekende kers op de taart, en mogelijk was daardoor ook de ontwikkeling van Appel beter te volgen geweest. Misschien dat in de nieuwe ondergrondse ruimte van het museum de in gang gezette ontwikkelingen van exposities van kunstenaars die beïnvloed werden door Van Gogh, een mooi vervolg kunnen krijgen. Deze tentoonstelling is ontstaan met de medewerking van Karel Appels weduwe Harriet de Visser, de Karel Appel Stichting , Stedelijk Museum Amsterdam, Haags Gemeentemuseum, Karel Appel Foundation en particuliere verzamelaars.
Toen ik naar huis fietste, was het droog en scheen het zonnetje. Met mijn rustige fietstempo had ik de tijd om de kleuren buiten op me in te laten werken. Ik geloof dat ik hier op de geboortegrond van Vincent de kleuren anders begon te zien. Oh ja, over geboortegrond gesproken: ik vind het jammer dat op een prominente plaats in de museumshop flesjes worden aangeboden met “geboortegrond van Vincent” , wat onbestendig zand in glas. Ik vind dit een beetje beneden het niveau van het museum. Verder is het Vincent van Goghhuis wel een aanrader, zeker met deze expositie. Die loopt nog tot en met 5 september 2011.
Geraadpleegde literatuur:
-Hans den Hartog Jager en Donald Kuspit: Karel Appel en Van Gogh, Zundert 2011
-Rinze Brandsma: Interview BNDeStem met Ron Dirven, directeur-conservator, 18-2-2011

- 24-6-2011
Was it of interest? Why not share it with others!












